Info.. need help!

hey, lang niks laten horen, dit word ook geen verhaal maar alleen even wat info voor jullie…

hier rechts boven kun je op abbonneren klikken, dan krijg je of een email of een berichtje (ligt eraan of je wel of niet een wordpress account hebt) als er een nieuw bericht op deze blog geplaatst word.

volgende.

hier bovenaan kun je op het aantal sterren klikken, doe dit vooral (bij de verhaaldelen dan, bedoel ik) want dan zie ik wat je ervan vond, ook zonder je reactie. Hierdoor weet ik of jullie wat meer bijvoorbeeld actie waarderen of juist niet, en of ik van stijl moet veranderen of niet. dit is voor mij een handige indicator als ik geen reacties binnenkrijg om toch te zien hoe een post gewaardeerd word.

volgende. xD

bij de reacties van lezers kun je aangeven of je iemand’s reactie goed vind of niet, doe dit ook vooral, zodat ik kan zien of je iemand’s idee goed vind. als iemand dus veel duimpjes omhoog krijgt, kan ik dat idee dus in het verhaal brengen, als het andersom gebeurt weet ik dat ik t juist niet moet doen 😉

dat was het denk ik…

nou, dan de noodoproep 😛

ik heb geen idee meer wat ik verder moet gaan schrijven, kunnen jullie nou echt niks verzinnen?

1 reactie

Opgeslagen onder 1

Hoofdstuk 1. Deel 3.

– Reminder, als je nu pas binnenkomt, begin helemaal onderaan met lezen, anders mis je leuke stukken verhaal (en je hebt echt geen FLAUW idee waar het nog over gaat :P) –

Zo staat ze nog enkele minuten stil, als was ze gevangen door de tijd. Haar ogen zijn gericht op het raam, waarachter niets te zien valt. Dan komt haar vermogen om te horen, zien en iets later ook te praten terug. Ze hoort de hordeur dichtslaan, en kijkt wie of wat er net binnenkwam. Wat ze ziet is verbazingwekkend. Er staat een roze poedel, in een iets donkerder roze pakje, duidelijk chanel. De hond begint te blaffen, en het meisje deinst achteruit. Dan draait de poedel haar nek, en laat zich goed bekijken. De poedel heeft een halsband om, met daaraan een hangertje. Op het hangertje staat: “Follow Me.” Dan loopt de poedel weer weg, maar zorgt er wel voor dat het meisje kan blijven bewegen, zodat ze het beestje kan volgen. Het meisje loopt snel de hond achterna, zonder echt te weten waarom. Ze lopen samen het huis uit, de straat op, de wijk uit. Ze lopen verder, door de stad, door wijken waarvan ze de straatnamen meestal wel herkent. Naar mate ze verder van haar huis komen gaat de hond steeds sneller lopen. Het beestje rent bijna als ze in een deel van de stad zijn waar ze nog bijna nooit is geweest, maar waar ze alles meteen herkent. De oude industrie. De hond sprint nu door de verlaten straten, half ingestorte gebouwen en recht naar een oude eenzame fabriekshal. “Zou ik hier moeten zijn?” Ze stelt zichzelf de vraag en voor ze goed en wel een antwoord heeft kunnen vinden, springt de poedel tegen de deuren omhoog. De deur zwaait open, en het meisje wandelt achter de poedel aan naar binnen.

Binnen is het donker. Binnen is het warm, nee, bijna heet. Er hangt een drukkende sfeer, en het meisje moet wennen aan het weinige licht, de duisternis overvalt haar. Wanneer ze eenmaal gewend is, ziet ze een man. Hij ziet er vrij oud uit, maar door zijn uiterlijk komt hij toch jong over. Hij heeft een apart gezicht, met een grote blauwe haardos. Zijn haren zijn recht omhoog gezet, bijna als het kapsel van Goku uit Dragonball Z, vindt het meisje. Dan begint de oude man te spreken. “Hallo. Mijn naam is Drucian. Ik observeer je al een aantal jaren, en ik weet dus wat je zou kunnen met meer training. Ik zou je willen helpen. Ik bied je training aan, vraag me niet waarom.” Het meisje kijkt verbaasd, en vraagt: “maar waarom train je me dan?” Drucian kijkt haar aan met een verwilderde blik, “moest je dat nou echt vragen?” Het antwoord is ferm en duidelijk. “Ja, want ik wil het weten”. Drucian kijkt bedenkelijk en vraagt haar waarom ze dat nou zo nodig weten wil. “Nou, gewoon, omdat ik wil weten waar ik aan begin, ik wil weten waar ik ingesleurd word!” Hij besluit hier maar niet verder op in te gaan, en vertelt haar dat hij haar dat nog wel ooit zal uitleggen. Dan roept het meisje, “maar waarom vertel je me dat nu niet? Ik heb het recht het te weten!” Er valt een korte stilte voor Drucian zegt: “Nou, kijk, ik wil het best vertellen, maar als ik het nu zou moeten uitleggen zou je te geschokt zijn om je nog te kunnen concentreren op waar je mee bezig bent en dus, voor je eigen bestwil, vertel ik het later pas.” De tekst ratelt uit zijn mond in enkele ogenblikken, waardoor het even duurt voor het meisje het volledig begrijpt. Ze vertrouwt de oude man niet helemaal, hij wil haar niet alles vertellen, en dat wat hij verteld, gaat zo snel dat het lastig te bevatten valt. Nog voor ze kan antwoorden, schrikt ze op van een wazige schim die voor haar hoofd langs zweeft.

Als ze beter kijkt, ziet ze dat het een soort geest is, die langzaamaan duidelijker word en te herkennen valt als een vrouw. Een prachtige vrouw, met lange dunne benen en een mooi slank lichaam. Als ze omkijkt, ziet het meisje een gezicht als geen ander, ze heeft prachtige lange zwarte haren en bovenal grote azuurblauwe ogen. Ze heeft een doordringende blik, en het lijkt alsof ze iets wil zeggen. Dan komt er een man aangewandeld. Hij heeft een apart kapsel, in dezelfde kleur als dat van Drucian. Als hij dichterbij komt, ziet het meisje dat hij ook dezelfde ogen, huidskleur en lichaamsbouw heeft als Drucian. Het lijkt wel alsof het Drucian is, maar dan jaren jonger. Ze denkt: “Misschien heeft hij een zoon? Of hij heeft een tweelingbroer, maar dan een die er jonger uitziet?” Voor ze het aan Drucian kan vragen, pakt de andere man een wapen. Het is een soort pistool, maar dan dikker. Hij schiet ermee op de vrouw, en raakt haar in de borst. Ze zakt echter niet naar de grond, maar begint te vervagen. Dan schiet de man nog een keer, en de vrouw verdwijnt volledig. De man verdwijnt dan ook, even snel als hij gekomen is. Als ze Drucian weer aankijkt, om hem te vragen wat dat in hemelsnaam was, ziet ze dat hij geschrokken is. Als ze vraagt wat er gebeurd is, twijfelt hij even voor hij zegt:

– Hiermee eindigt het derde deel van dit verhaal. laat me weten wat er net gebeurd is oke 😉 en geef me ook wat leuke suggesties over hoe het verhaal verder moet, dan beloof ik dat het volgende deel niet zo heel lang meer zal duren (in ieder geval niet zo lang als dit deel :P) –

14 reacties

Opgeslagen onder Story Nr 1. Title...???

Gastoptreden. (eigenlijk betekent dat gewoon, deadline gemist)

– Hey allemaal, aangezien ik nu nog steeds geen nieuw deel online heb gezet (ik weet het, het is verschrikkelijk.) wilde ik jullie niet al te diep teleurstellen en bedacht ik dus dat ik een ander wel eens wat kon laten schrijven. Dit om mijn slechte zaak te verdoezelen en om jullie bezig te houden en er dusdanig voor te zorgen dat jullie ook echt blijven lezen.

Nu ken ik toevallig een jongen, 23 jaar, (naar eigen zeggen huiveringwekkend mooi, met ogen om in te verdrinken, en vrijgezel, dus… :P) die in mijn ogen heel mooi kan schrijven. Sommigen van jullie zullen hem wel kennen, maar dit maakt zijn teksten niet minder mooi 😛 (sorry :P). Ik heb hem dus gevraagd een verhaal te schrijven, zodat ik hier wat kan posten. Hij vroeg me waar het over moest gaan, en hoe lang het moest zijn. Dat heb ik hem verteld (maar ik zeg het jullie niet, dan is t leuker lezen) en hij begon. Een korte tijd later was het verhaaltje klaar, en nu komt het dus online! Hiermee wil ik jullie laten zien wat anderen schrijven, (haha, eigendunk, nog maar net 2 teksten online en nu al laten zien dat anderen ook niet slecht zijn 😛 :P) en ondertussen zelf proberen mijn nieuwste deel af te krijgen voor ik naar Rome ga aanstaande vrijdag. Mijn eigen tekst is zo laat aangezien het me niet lukte iets fatsoenlijks neer te pennen, en ik dus liever even wachtte zodat ik wel weer kwaliteit kon leveren (ofja, in mijn ogen kwaliteit dan:P)

Hierbij dus het verhaal van Ruud. Kijk vooral ook even op zijn blog, www.beethovenbd.wordpress.com

Veel plezier! Gijs –

Vlinders.

‘He wat een kloteweer’ verzuchtte Erik terwijl hij de paraplu voor de 4e keer vandaag openklapte. ‘Ik snap er niets van, het is al midden Maart en nog altijd lopen de weergoden te klieren’. Zacht tikkend drupt de regen van zijn paraplu terwijl hij zijn weg vervolgt richting school. Over een paar uur heeft hij een belangrijk practicum wat hij moet halen voor scheikunde en er zijn nog last minute zaken om uit te stippelen.

Twee weken geleden kreeg hij de opdracht om zelf een proefje te verzinnen voor scheikunde om iets aan te tonen naar keuze. Omdat Erik een nogal cynisch persoon is, besloot hij de alombekende legende van vlinders in de buik maar eens danig te ontkrachten. ‘Liefde bestaat niet’ was zijn gevierde credo. ‘Het is enkel de mens die zijn lust niet in bedwang kan houden en daar dan vervolgens hoffelijke etiketjes op te plakken om zodoende zijn eigen instincten te omzeilen’.

De meisjes in zijn klas giechelden stom terwijl Erik deze zin op de zijn gebruikelijk theatrale wijze vertolkte en hoewel menig jongen van 15 jaar door zo’n reactie van zijn stuk zou worden gebracht sterkte het Erik echter in zijn gedachte. ‘Meisjes zijn waardeloos, je hebt er niets aan’.

Erik snapte de hele mythe rondom de vlindertjes ook niet. Hij vond het kinderachtig gekonkel van volwassenen. Allemaal die verhalen over mannen die een vrouw zien en dan op slag verliefd worden. ‘mij niet gezien’ riep Erik dan uit, ‘ik vind mensen die ik een tijdje ken al niet leuk, laat staan als ik ze direct zie’.

Terwijl Erik dus in gedachten zijn experiment voorbereidde merkte hij niet dat de regen was gestopt, en erger nog, merkte hij niets op van de omgeving om zich heen. ‘AUW, Jezus man kijk toch es uit’ schreeuwde plots een vreemde jongen. Erik was vol tegen hem opgelopen en had hem zelfs met de spijlen van de paraplu per ongeluk in het gezicht geslagen.

‘Sorry, sorry,sorry’ stamelde Erik beduusd terwijl hij de jongen die op de grond was gevallen goed bekeek. Hij kwam hem vaag bekend voor maar hij kon de jongen toch niet plaatsen. Terwijl hij de jongen goed bekeek speelde een flauwe glimlach op zijn lippen. ‘Zie je’ dacht Erik bij zichzelf, ‘hier kan geen meisje aan tippen’. De jongen die voor hem stond had golvend donkerbruin lang haar, groengrijze ogen, een egaal gezicht met hoge jukbeenderen, slank figuur en een speelse uitstraling. Nou ja speels, voor zover je speels kon zijn met een halve paraplu in je strot en een Erik die half op je staat omdat hij niet uitgekeken had.

‘Zou je me niet eens omhoog helpen’ klonk de verontwaardigde stem van de jongen op de grond. ‘J-j-ja,nee, uh,.sorry, ik help je nu’ stamelde Erik terwijl hij de uitgestoken hand van de jongen accepteerde en hem omhoog hielp. Elektriciteit gierde door zijn lichaam zodra hij de hand aanraakte, een vonk vlamde door zijn lichaam. Statische elektriciteit de schuld gevende keek Erik een beetje schaapachtig om zich heen. ‘U-uh, hoe heet je?’ Vroeg Erik om maar iets te zeggen. ‘Noah’ zei de jongen terwijl hij zich afborstelde ‘Noah ten Akker’.

Plots viel het Erik in, deze jongen zat bij hem op school, één klas hoger dan hem en er gingen geruchten rond op school dat Noah een beetje vreemd was. Een gerucht waar Erik niets van snapte want wat hij voor zich zag was alles behalve vreemd.

‘Kan ik het een beetje goedmaken door je te trakteren op een drankje’ zei Erik tegen Noah nog voordat hij zich realiseerde dat hij de zin gevormd had. Een glimlach brak door op Noah’s gezicht terwijl hij het aanbod accepteerde en voordat Erik het doorhad liep hij samen met Noah naar een dichtbijgelegen cafeetje . Ze babbelden samen gezellig terwijl het buiten steeds mooier weer werd. De regen had al afgenomen, de zon brak door en voor het eerst sinds de herfst zijn gure intreden deed zoveel maanden terug was er iets van warmte en broeierigheid in de lucht.

Erik zocht intussen zoveel mogelijk excuusjes voor zijn zenuwachtigheid in de nabijheid van Noah. ‘je bent gewoon nerveus omdat je hem bijna heb vertrappeld’ zei hij eerst tegen zichzelf, daarna zei hij ‘ach joh, je bent gewoon nerveus omdat je niet weet hoe je het goed moet maken’. Maar het feit was, dat Erik voor het eerst onmiskenbaar en niet te ontkennen kriebels had in zijn buik.

Om zijn zenuwen te maskeren begon Erik meer en meer te babbelen en op een gegeven moment hadden hij en Noah het over vlinders in de buik. ‘PHA, spreek me er niet van’ zei Erik, ‘ik heb die dingen nog nooit gehad bij een meisje.’ ‘Sterker nog, ik ben nu bezig met een experiment om te bewijzen dat er geen vlinders zijn, het zijn maar domme stofjes in onze hersenen die ons besturen’.

‘Ow’ zei Noah, ‘Dat is interessant’, ‘ik heb ook nog nooit kriebels gehad als ik een meisje zag, maar toch kriebelt het soms wel’ en terwijl hij dit zei, gaf hij een klein geniepig lachje richting Erik, wat Erik totaal van slag maakte.

Gaandeweg het gesprek merkte Erik dat hij wel degelijk vlinders in de buik had, voor het eerst was hij zich er van bewust en hij schrok zich suf. ‘Ik heb vlinders in de buik voor een jongen’ dacht hij bij zichzelf terwijl hij het tegelijk ijskoud en bloedheet kreeg. In een opwelling kuste hij Noah op de mond.

Direct na de kus trok Erik zich als door een bij gestoken terug van het gezicht van Noah en werd vuurrood. Noah kuste echter gretig terug en zei ‘hè-hè, ik dacht dat het er nooit van zou komen’ . ‘Hoe bedoel je’ zei Erik, verward door Noah’s opmerking. ‘Nou simpel gekkie’ zei Noah, ‘ik vind jou al tijden leuk, en probeer al lang met je in contact te komen’.

Erik veerde op bij die woorden en zag toevallig de klok in het café hangen die aangaf dat het bijna tijd was voor het practicum. ‘Heb jij zometeen nog les of ben je al uit? ‘Ik ben al een uur klaar met school’ zei Noah waarop Erik hem meevroeg voor het practicum.`

Lopend door de warme lentezon met Noah aan zijn zijde had Erik niet eens door dat hij zijn paraplu was vergeten in het café, hij liep direct door naar het scheikundelokaal waar de docent alles al had klaargezet voor zijn practicum.

‘Nou Erik’, zei de docent, ‘we zijn allemaal benieuwd naar je practicum om te bewijzen dat vlinders in je buik niet bestaan. Ga je gang’. Erik liep naar het bord, schraapte zijn keel en zei ‘dit zal geen lang practicum worden, ik heb het een beetje aangepast’. Vervolgens schreef hij op het bord in grote letters: VLINDERS BESTAAN WEL, EN DE LENTE IS DE SCHULD. Vervolgens liep hij naar Noah toe, en hand in hand liepen ze naar buiten, genietend van de rest van de mooie lentedag.

5 reacties

Opgeslagen onder Gastoptredens

Hoofdstuk 1. Deel 2.

Ze ligt al uren op de blauwe bank in de huiskamer. Uren en uren achtereen, helemaal stil. Haar vader staat al die tijd in de deuropening naar de keuken. Verstijfd, niet in staat verder te bewegen. Haar moeder is bijna bij haar vader, ze is blij dat hij op tijd thuis is voor het eten. Haar broer hangt in de lucht, ook helemaal stil, onder aan de trap. Hij springt altijd over de laatste paar treden, omdat hij dan sneller beneden is, denkt hij. Het meisje wil graag gaan genieten van de zelfgemaakte lasagna van haar moeder, maar durft de confrontatie met haar vader niet aan. Ze is blij dat ze de tijd kan stilzetten, ondanks het feit dat ze na al die jaren nog steeds niets kan bewegen zonder de tijd te laten lopen. Ze is al sinds haar zevende jaar, toen ze haar gave ontdekte, aan het oefenen om hem onder de knie te krijgen. Het is nu tien jaar later, en het enige wat ze geleerd heeft, is dat ze haar gave langer kan gebruiken. Ze vind het nog steeds ironisch dat ze de tijd maar een bepaalde tijd stil kan zetten, alsof de tijd er na een tijdje genoeg van heeft. Eigenlijk had ze net zo goed zonder deze gave gekund, want alhoewel het leuk is, heeft ze er vrij weinig aan. De enige keren dat ze er iets aan heeft, is wanneer ze een toets moet leren. Ze kan dan boven haar boeken gaan hangen, en de tijd stoppen, zodat ze langer kan leren. Hierdoor heeft ze ook getraind op de tijdsduur van haar gave. Als ze langer wilde leren, moest ze de tijd langer kunnen stilzetten. Nu ze echter op de bank ligt, en niets doet, heeft ze er vrij weinig aan. Ze gebruikt het gewoon om de confrontatie met haar vader uit te stellen. Volgens haar kan ze er nog wel enkele dagen liggen, maar ze heeft nog nooit onderzocht hoe lang ze de tijd nou eigenlijk kan manipuleren.

Opeens ziet ze iets bewegen, en schrikt ontzettend. “Hoe kan er nu iets bewegen? De tijd staat stil, de bladeren aan de bomen bewegen niet, de mooie vogeltjes hangen stil in de lucht. Alles staat stil, en ik zie beweging?” Ze probeert haar hoofd te draaien, maar het lukt haar niet. Er gaat iets mis, denkt ze. “Dit kan niet waar zijn!” Ze wil de tijd weer laten lopen, zoals ze altijd gekund heeft, maar het lukt haar niet. “Wat is dit? Hoe is het mogelijk! Dit gaat helemaal fout, dit gaat helemaal fout!” De gedachtes spoken door haar hoofd, de wanhoop nabij. Ze is bang dat ze nooit meer uit deze tijdloze dood kan ontsnappen. Ze heeft nog steeds geen idee wat er aan de hand is, want ze kan nog steeds niet bewegen, hoe hard ze het ook probeert. Dan, als uit het niets, merkt ze op dat haar ogen wel kunnen bewegen. Dit is een grote schok voor haar, omdat dat haar in al die jaren nog nooit gelukt is. Ze gaat haar hele lichaam na, probeert ieder spiertje wat ze kent te bewegen. Het lukt haar niet. Niets wil bewegen, behalve haar ogen. Opeens hoort ze iets, en beseft zich dat nu niet alleen haar gedachten bruikbaar zijn, maar ook haar zintuigen. Ze probeert te vragen wie of wat ze zag, maar er komt geen geluid uit haar keel. Ze kan niet eens normaal praten! Dan merkt ze iets. Ze hoort weer wat. Ze probeert weer te praten, bijna schreeuwen, en halverwege haar geluidloze kreet komt er toch geluid uit haar voor haar gevoelens wijd geopende keel. Wanneer ze opmerkt dat ze haar spieren moet gebruiken om geluid te produceren, word ze getroffen als door een mokerslag. Ze springt op, en draait zich om. Ze wil door de ruit naar buiten kijken, maar door de felle zon die in haar ogen schijnt, ziet ze vrijwel niets van wat er zich aan de andere kant van het glas bevindt. Ze probeert een paar meter verder van het raam te gaan staan, om te zorgen dat ze niet meer door de zon verblindt wordt, maar na enkele stappen stokt haar beweging en kan ze niets meer bewegen. Eerst haar spieren, waardoor ze stilstaat. Dan haar gehoor, waardoor ze de geluiden van zo-even niet meer hoort. Daarna ook haar ogen, waardoor ze niet meer rond kan kijken. Nu blijven alleen haar gedachtes over. Wat voor gedachtes. Ze staat op springen van angst. “Wat is dat verschrikkelijke geluid? Wie of wat zag ik net? Waarom kon ik bewegen, en waarom nu niet meer?”

– Zo, verhaaldeel 2 online. Laat de ideeen maar komen, zodat ik het volgende deel weer kan gaan schrijven. Ik wil graag weten wat je over mijn verhaal denkt, en ook tips voor het schrijven zijn altijd welkom, maar het liefst zie ik toch echt uitbreidingen voor het verhaal zelf. Denk aan, ik wil graag een mooie paarse draak, of een roze eenhoorn, zo gek als je maar wilt, als jij het in het verhaal wilt lezen, zet het bij de reacties en dan zal ik mijn best voor je doen 😉 thx! –

13 reacties

Opgeslagen onder Story Nr 1. Title...???

Hoofdstuk 1.

“Mam, ik ben thuis!” Roept ze vrolijk, maar ze weet wel beter. Ze heeft net haar grote toets verknald. Die ene die wél meetelt in het volgend jaar. Het láátste jaar nota bene. Ze hoort een vaag “Hallo!” als antwoord, maar daar is ze niet meer mee bezig. Haar ouders zullen niet blij zijn als ze dit vanavond horen. “Gelukkig, ze zijn nog niet thuis” denkt ze hardop als ze de huiskamer binnenwandelt. Haar broer, die nog vakantie heeft, komt naar beneden om haar te melden dat hij zo naar wat vrienden gaat. Ze vind het allemaal best, en roept hem na dat hij werk moet zoeken, want nu is het veel te duidelijk dat hij nog vakantie heeft. “Stomme universiteit” zegt ze, wanneer ze op de bank springt met het nieuwste boek van haar favoriete schrijver. Ze leest het boek in het engels, om de aandacht even niet naar haar toets te laten gaan. Stiekem hoopt ze dat ze in het boek de perfecte smoes tegenkomt, maar ze weet dat het niet zo is. Eigenlijk hoeft ze het boek er niet eens bij te hebben. Ze heeft het al zo vaak gelezen, dat ze het verhaal wel kan dromen. Opeens schrikt ze wakker uit haar droom, en ziet dat ze alweer 21 pagina’s verder is. Ze kijkt maar weer even naar de klok en merkt op dat haar moeder ieder moment thuis kan komen. Dan gebeurt het. Ze heeft hem nú nodig. De perfecte smoes. “Hoi!” hoort ze haar moeder roepen. “Hé mam!” luidt het antwoord. “Nog wat gebeurd op school?” gaat haar moeder verder. En toen stopte de tijd. “Ik kan nu zeggen dat ik de toets pas volgende week hoef te maken, of toch nog proberen die smoes te verzinnen. Eerlijk opbiechten is niet aan de orde, want ik wil morgen uit. Wat moet ik doen?”

Haar gedachten slaan op hol. Ze weet het niet. Eerlijk zijn is wel het prettigst, maar dan mag ze morgen echt niet weg. Aan de andere kant, zo goed is haar smoes nou ook weer niet, en dan heeft ze ook nog gelogen. “Niet echt, alleen die rottoets he.” antwoordt ze met een moeilijk gezicht. “Oh? Was ‘ie zó lastig? Je had toch goed geleerd?” vraagt haar moeder. “Ik heb hem helemaal verkloot. Hij was totaal anders dan iedereen me vertelde, de lerares had ons helemaal niet geholpen met voorbereiden en we mochten ook al geen woordenboek gebruiken!” Klaagt ze met een half verontwaardigd, half verdrietig gezicht. Van binnen is ze blij dat haar moeder haar verhaal meteen gelooft, maar ze weet dat ze nu haar vader nog moet overtuigen.

– Dit is het eerste deel van het verhaal, verzin maar iets leuks als vervolg 😉 (en lees de introductie als je niet weet waar ik het over heb :P)  –

– Nog iemand ideetjes voor een leuke titel? –

16 reacties

Opgeslagen onder Story Nr 1. Title...???

Intro & Uitleg Concept

Hee!

Ik wil jullie even vertellen waarom deze blog is opgericht. Ik vind het namelijk leuk om te schrijven, maar ik heb nooit inspiratie genoeg om iets leuks te verzinnen. Daarom heb ik de hulp nodig van iedereen die ook maar iets kan verzinnen. Ik had het idee om een stukje verhaal te schrijven, en dan te hopen op reacties die me konden vertellen hoe het verder moest gaan. Ik hoop dat het lukt, en dat ik veel reacties en dus ook een leuk verhaal krijg.

Even in het kort: Ik schrijf een stukje verhaal, daarop reageren mensen (hopelijk veel) en dan kies ik uit de reacties de leukste verhalen, beste uitbreidingen of origineelste concepten. Dan schrijf ik een nieuw stuk verhaal, en krijg daar weer nieuwe reacties op. Zo hoop ik een leuk, lang en interactief verhaal te krijgen.

Het mag alle kanten op gaan, dus laat je fantasie maar lopen.

2 reacties

Opgeslagen onder 1